De Wet kinderopvang kent als hoofdregel de volgende
criteria waarmee kan worden beoordeeld of sprake is van
kinderopvang:
- 'anders dan om niet' (dwz tegen betaling),
- 'bedrijfsmatig'
- is er sprake van 'verzorging en opvoeding van kinderen
tot de eerste dag van de maand waarop het voortgezet
onderwijs voor die kinderen begint'.
Er is sprake van kinderopvang wanneer tenminste één van
twee eerstgenoemde criteria van toepassing is én wanneer sprake is
van verzorging en opvoeding van kinderen tot ca 12 jaar. De
volgende vragen zijn dus relevant:
- Is er sprake van betaling? De hoogte van de betaling doet
daarbij niet ter zake. Zo ja, dan hoeft
niet te worden beoordeeld of sprake is van
bedrijfsmatige opvang.
- Is er geen sprake van betaling, dan geldt de vraag: is er
sprake van bedrijfsmatige opvang?
Dat wil zeggen: is de opvang bedrijfsmatig georganiseerd,
is er sprake van personeel, etc. Wanneer sprake is van opvang tegen
betaling of bedrijfsmatige opvang speelt de vraag: is sprake van
verzorging en opvoeding van kinderen tot ca. 12 jaar? Opvang die
alleen bestaat uit verzorging of kortstondige opvang waar geen
sprake is van opvoeding vallen niet onder het begrip kinderopvang.
Bij voorbeeld in een winkelcentrum, bij een evenement of bij een
sportcentrum: ook al is die opvang de hele week open, er komen
voortdurend andere kinderen. Kinderen komen daar immers niet
meerdere dagdelen per week terwijl de ouders werken; bovendien is
geen sprake van opvoeding en verzorging. Ook bij
incidentele (dat wil zeggen: niet elke week)
opvang is geen sprake van opvoeding en verzorging.
Dus: als er sprake is van opvang tegen betaling of
bedrijfsmatige opvang én verzorging en opvoeding van kinderen tot
ca. 12 jaar dan is er sprake van kinderopvang
Voor uitgebreide informatie zie: http://www.vng.nl/smartsite.dws?id=104784
11-09-2011